
‘Gedeelde smart is halve smart.’ Volgens ouderenpsychiater en -onderzoeker dr. Sjacko Sobczak schuilt in dit spreekwoord een belangrijke sleutel tot mentale weerbaarheid. “We zijn sociale wezens en hebben elkaar nodig.” Binnen het zorgprogramma Topklinisch Centrum Neuropsychiatrische zorg (TCNZ) van Mondriaan Ouderen behandelt zij vooral mensen met neuropsychiatrische hulpvragen. Vanuit haar werk deelt ze haar visie op de factoren die bijdragen aan mentale weerbaarheid én op de obstakels die ouderen kwetsbaar maken.
Neuropsychiatrie onderzoekt en behandelt psychische en gedragsmatige klachten die samenhangen met aandoeningen of veranderingen in de hersenen. Vooral ouderen krijgen te maken met cognitieve problemen en de lichamelijke, psychische en psychosociale klachten die daarmee gepaard kunnen gaan, maar ook jongere mensen kunnen hiermee worden geconfronteerd. “Het is vaak even puzzelen om te achterhalen waar deze klachten vandaan komen”, legt dr. Sobczak uit.
Daarom kijkt zij niet alleen naar de klachten, maar ook naar het levensverhaal van de persoon. Vragen die zij zichzelf stelt zijn bijvoorbeeld: Hoe heeft deze persoon zich eerder in het leven staande gehouden? Was er een naaste die daarin een belangrijke rol speelde? En hoe kunnen we die stabiliteit terugbrengen in de huidige levensfase? Door deze brede blik probeert zij opnieuw aanknopingspunten te vinden voor mentale weerbaarheid van mensen met cognitieve problemen.
Mentale weerbaarheid is het vermogen om veerkrachtig om te gaan met tegenslag, onzekerheid en verandering. Volgens dr. Sobczak draait het daarbij niet zozeer om wat we meemaken, maar om hoe we ermee omgaan. Verschillende factoren bepalen in hoeverre iemand mentaal weerbaar is en hoe hij of zij omgaat met verandering. De belangrijkste beschermende factor is sociale verbondenheid. “Door je gevoelens te delen met je partner of een goede vriendin kun je je emoties co-reguleren. Er ontstaat een steunsysteem, waardoor je niet alles alleen hoeft te dragen. Daarom zeggen we: gedeelde smart is halve smart.” Ook het hebben van een doel in het leven en het vermogen om gebeurtenissen te relativeren dragen volgens haar bij aan veerkracht.
Bij ouderen staan deze beschermende factoren vaak onder druk, waardoor het moeilijk kan zijn om mentaal weerbaar te blijven. “Sociale steun kan verdwijnen doordat mensen om hen heen wegvallen. Ouderen hebben soms ook geen doel meer in het leven, omdat ze niet meer werken of niet langer voor een dierbare zorgen. Daarnaast gaan ze lichamelijk achteruit, waardoor ze minder mobiel worden. Doordat ze geen rijbewijs meer hebben of verder van familie wonen, wordt het onderhouden van sociale contacten soms lastiger. Tel daarbij op dat bij ouderen cognitieve functies, zoals het geheugen, achteruit kunnen gaan en het begrijpen van nieuwe situaties meer moeite kost”, licht dr. Sobczak toe.
Juist deze opeenstapeling van veranderingen kan het voor ouderen uitdagend maken om veerkrachtig om te gaan met ingrijpende gebeurtenissen, zoals verlies of een ernstige ziekte. “Het is niet voor niets dat schrijver Adriaan van Dis zei: ‘Ouder worden is niet voor watjes’. De grootste uitdagingen van het leven maak je immers vaak mee wanneer je ouder wordt. Honderd worden is mooi, maar de kans dat je bijvoorbeeld je kinderen overleeft, wordt steeds groter.”
Juist omdat psychische klachten bij mensen met dementie vaak moeilijk te herkennen zijn, richt dr. Sobczak zich naast haar werk als ouderenpsychiater ook op onderzoek naar deze problematiek. Zij is oprichter van het Age@Minds Fonds, een Fonds op Naam binnen het Universiteitsfonds Limburg. Een voorbeeld van deze psychische klachten is de Posttraumatische Stress Stoornis (PTSS), een aandoening die veel mensen vooral associëren met veteranen. Inmiddels weten we dat ook mensen die op een andere manier ingrijpende gebeurtenissen hebben meegemaakt PTSS kunnen ontwikkelen.
Sinds de oprichting van het fonds in 2021 zijn al belangrijke stappen gezet. Door zich te richten op mensen met dementie en psychische klachten, hebben dr. Sobczak en haar onderzoeksteam laten zien dat ook deze groep baat kan hebben bij psychologische behandelingen. Een voorbeeld hiervan is Eye Movement Desensitization Reprocessing (EMDR), een behandelmethode die helpt om ingrijpende herinneringen op een minder belastende manier te verwerken. “De eerste resultaten bij mensen met dementie zijn veelbelovend.” Door bestaande psychologische zorg toegankelijk te maken voor mensen met dementie, worden zij ondersteund in het verbeteren van hun mentale weerbaarheid én kwaliteit van leven.
Een ontwikkeling binnen het fonds waar dr. Sobczak bijzonder trots op is, is de totstandkoming van het TRADE-interview. Dit diagnostische interview maakt het mogelijk om PTSS bij mensen met dementie vast te stellen aan de hand van gesprekken met de persoon zelf, een naaste en een zorgprofessional. “We zijn momenteel de eerste resultaten aan het analyseren. Toch is er nu al veel belangstelling vanuit zorgprofessionals die het TRADE-interview in de praktijk willen gebruiken, zelfs internationaal. Ik denk dat we in korte tijd echt bergen hebben verzet.”

De oprichting van het Age@Minds Fonds
Wereldwijd is veel aandacht uitgegaan naar de behandeling van psychische klachten, maar volgens dr. Sobczak blijft preventie nog te vaak onderbelicht. Juist het erkennen van ingrijpende gebeurtenissen en het gesprek daarover aangaan, ziet zij als een belangrijke stap in het versterken van mentale weerbaarheid. Toch gebeurt dit nog lang niet altijd, onder meer vanwege schaamte en schuldgevoelens. “Bij mensen met dementie en psychische problemen is het vaak lastig te achterhalen waar die klachten vandaan komen. Hun kinderen weten dat meestal ook niet. Veel van deze ouderen behoren tot de naoorlogse generatie: hard werken, niet zeuren en doorgaan. Vergeleken met de oorlog viel alles mee. Daardoor zijn trauma’s vaak jarenlang weggestopt.”
Dr. Sobczak hoopt daarom dat we in de toekomst opener zullen zijn over wat we hebben meegemaakt. Volgens haar begint dat bij het stellen van de juiste vragen, zodat duidelijk wordt wat iemand nodig heeft op het moment dat hij of zij het meest kwetsbaar is. “We moeten met z’n allen inzien dat de gevoelens die bij trauma horen er mogen zijn. Daar moeten we minder van schrikken. Ik hoop dat we trauma’s een plek kunnen geven in het leven, in verbinding met anderen.”
Met een vergrijzende samenleving wordt het steeds belangrijker om aandacht te hebben voor en te investeren in mentale gezondheid en veerkracht op latere leeftijd. Volgens dr. Sobczak vraagt dit om een brede blik op trauma, waarbij de gehele levensloop wordt meegenomen. Traumatische gebeurtenissen uit de vroege kindertijd kunnen immers op latere leeftijd opnieuw naar de oppervlakte komen en alsnog invloed hebben op de mentale gezondheid. “We moeten echt af van het idee dat iets lang geleden is gebeurd en daarom niets meer met het heden te maken heeft.”
Daarnaast pleit zij voor een sterker netwerk van ervaringsdeskundigen binnen de geestelijke gezondheidszorg, omdat de waarde daarvan nog steeds onvoldoende erkend wordt. Dr. Sobczak gelooft dat er uiteindelijk nog een effectievere manier is om te investeren in een weerbare samenleving. “Als je echt impact wilt maken, moet je investeren in de jongere generaties. Als je mensen vanaf het begin ondersteunt in het omgaan met tegenslag en verandering, investeer je op de best mogelijke manier in de mentale weerbaarheid van de samenleving als geheel.”
